Photo by Anna Kolosyuk on Unsplash

Verdient Micha ouders die niet betrokken zijn?

Maar welk kind verdient het dat zijn ouders niet betrokken zijn bij zijn schoolontwikkeling? De effecten van ouderbetrokkenheid gaan namelijk veel verder dan alleen schoolresultaten, zoveel is inmiddels wel bekend. Micha misschien?

Gisteren vertelde een schoolteam mij, dat met elke ouder succesvol samenwerken niet realistisch is. “Met 90% van de ouders zijn wij heel blij”. Ik vroeg het volgende: “Noem eens een ouder, die bij de laatste 10% hoort?” “De ouders van Micha”, zei een leraar uit de middenbouw. “We hebben hen zo vaak uitgenodigd. Ze reageren niet, zeggen dat ze heel druk zijn en Micha doet het wel goed op school.”

frank-mckenna-595004-unsplash

Maar welk kind verdient het dat zijn ouders niet betrokken zijn bij zijn schoolontwikkeling? De effecten van ouderbetrokkenheid gaan namelijk veel verder dan alleen schoolresultaten, zoveel is inmiddels wel bekend. Micha misschien? En wat als er een keer iets met Micha aan de hand is en er is geen goed contact met de ouders? Wat betekent dat voor Micha?

Een goede relatie van de leerkracht met elke ouder van elk kind en elk jaar opnieuw is inderdaad geen gegeven feit. Dat vraagt nogal wat van de leerkracht, het schoolteam, de directeur.

Met deze stevige stellingen willen we je prikkelen en aan het denken zetten. Zodat je ontdekt waarom het essentieel is om als schoolteam ouderbetrokkenheid op je netvlies te hebben.

Waarom moeilijk doen als het samen kan?

Wist je dat werkdruk door lastige relaties met ouders in de top 3 van werkdrukveroorzakers staat voor leerkrachten? Spanning in de relatie met een of meer ouders in je klas veroorzaakt een waterval aan problemen; de kinderen van deze ouders gedragen zich anders, de leerkracht voelt zich ongemakkelijk, de sfeer in de klas verandert, ouders zoeken elkaar op en gaan roddelen. Dit kost de leerkracht veel tijd en levert onnodige stress op.

hello-i-m-nik-582532-unsplashKinderen nemen hun ouders mee in hun hart naar school en de leraar in hun hoofd mee naar huis. Spanning tussen hoofd en hart brengt voor het kind onrust mee.

Het vraagt tijd en conflictvaardigheden om de storing te bespreken en het vertrouwen te herstellen, de relatie te repareren. Noodzakelijk, want een escalatie kent alleen maar verliezers, zelfs de school kan imagoschade leiden. De kinderen zijn uiteindelijk de grootste verliezers.

Terwijl samenwerken juist alleen maar winnaars kent. Kinderen ontwikkelen zich het beste – zowel cognitief als sociaal-emotioneel – als ouders en leraren samenwerken, zo leert wetenschappelijk onderzoek.

 

Een boze ouder heeft altijd gelijk

Het uitgangspunt dat de boze ouder vanuit zijn perspectief gelijk heeft, daagt je uit om de situatie door de ogen van de ouder te gaan bekijken. De ouder is ongerust, maak zich zorgen en daar is een reden voor. Elke leraar krijgt er af en toe mee te maken. Met een boze, verongelijkte, verontruste, ontevreden, bezorgde, agressieve, veeleisende, verontwaardigde of klagende ouder. De kunst is de emotie vanuit je professie op te vangen. Om daarna op zoek te gaan, samen met de ouder, wat de aanleiding is van deze emotie. Als er iets misgaat in de relatie met ouders, dan is dat in 95% van de gevallen te herleiden tot problemen in de communicatie. Dat is goed nieuws, want communicatievaardigheden zijn te trainen!

Wanneer je het kunt opbrengen je oprecht te verdiepen in wat de ouder zo boos maakt, kan dat al helpen om die boosheid te doen wegebben. Daarmee bied je een opening tot gesprek, de eerste stap naar een oplossing.

Liever een knappe kop dan gouden handjes

Uit onderzoek van EenVandaag (maart 2018) blijkt dat negen op de tien leraren van groep zeven en acht meemaken dat ouders het niet eens zijn met het door hen gegeven schooladvies. Bij 53 procent nam die druk meer dan eens grensoverschrijdende vormen aan: schelden of schreeuwen (59%), intimidatie via de schoolleiding (42%) of intimiderende mails (38%). Maar ook bedreiging (13%) en chantage (4%) komen voor.

rawpixel-684809-unsplashSpanning bij de verwijzingsgesprekken kun je voor zijn door eerder over de toekomst te praten. Je begint in de middenbouw met een onderzoek. Bijvoorbeeld in een driehoeksgesprek, samen met kind en ouders. Stel de volgende vragen: Wat wil je worden? Waar liggen je talenten en wat zijn je ambities? Naar welke school wil je graag? Wat willen je ouders graag?

In groep 5 kun je nog de zeilen bijsturen of verwachtingen managen. In groep 8 is dat rijkelijk laat. Vooral als er echt een groot gat zit tussen verwachting en realiteit. De ervaring leert dat als je hierover in de middenbouw contact legt met ouders en kinderen, er nog zoveel mogelijkheden zijn om op een lijn te komen, samen te overleggen en te ontdekken wat het beste voor het kind is.

In een school houden ze in de bovenbouw een dag met als titel: ‘knappe koppen – gouden handjes’. Mooi, omdat beide uitstroomprofielen zo hun eigen waarde krijgen.

Verdient Micha ouders die niet betrokken zijn?

Welk kind verdient het dat zijn ouders niet betrokken zijn? Om deze vraag van een doorleefd antwoord te voorzien, beschrijf ik hier mijn favoriete werkvorm. Confronterend? Zeker! Het helpt je team hun ambitie te verwoorden op het gebied van ouderbetrokkenheid. Daarna kun je nadenken wat je nodig hebt, bijvoorbeeld in de komende schoolplanperiode, om deze ambitie handen en voeten te geven.

Benodigdheden

  • 15 tot 25 minuten tijd in een teambijeenkomst
  • Aanwezigheid van elke leerkracht
  • Een lijst met namen en foto’s van de kinderen van iedere groep. Je kunt leraren vragen deze lijst mee te nemen.
  • Een vel met kleine ronde stickertjes (liefst rood) voor elke leraar, die je onder de foto kunt plakken.
  • Een begeleider van deze werkvorm. Mooi als de schooleider, de IB’er of iemand uit het team dit doet.

Zo doe je het

Je vraagt elke leraar goed naar de foto’s te kijken en deze vraag voor zichzelf te beantwoorden: ‘Welk kind verdient het dat je niet met zijn ouders samenwerkt?’ Vraag de leraar onder de foto van de desbetreffende kinderen een stickertje te plakken. Het mooiste is om dit in stilte te doen, zodat ieder serieus kan kiezen. Dat vraagt zo om en nabij 3- 5 minuten.

Photo by Anna Kolosyuk on UnsplashDaarna vraag je wie 5 kinderen of meer van een sticker heeft voorzien? Je noteert het aantal kinderen, als die er zijn. Daarna vraag je 4 kinderen, daarna 3, daarna 2, daarna 1 en daarna geen van de kinderen.

Op deze manier bereken je het totaal aantal kinderen wat een stickertje heeft gekregen. Dat deel je door het totaal aantal kinderen en zo kom je uit op een percentage van de kinderen, in jullie school, die het verdienen dat je niet met hun ouders samenwerkt. De rest van het percentage kinderen verdient het dus wel.

Stel je komt op een percentage van 5%. Dan vraagt dat van je team om met 95% van de ouders samen te werken aan de ontwikkeling van hun kind. Je kunt natuurlijk ook uitkomen op 100%.

Teams die met de Glans-techniek kennis hebben gemaakt, komen er altijd op uit dat geen enkel kind het verdient dat je niet met de ouders samenwerkt. Tegelijkertijd is het een kunst om 8 tot 15 jaar lang, elk jaar opnieuw met elke ouder, een goede samenwerkingsrelatie op te bouwen.

 

Een uitstekende start

De vraag is: wat willen jullie als team? Ga je voor 100% of wil je in ieder geval een verbetering ten opzichte van nu? Dan is een workshop Ouderbetrokkenheid een uitstekende start. We hebben de meest voorkomende uitdagingen omgevormd tot een inspirerende workshop.

Ik ben heel benieuwd naar je ervaringen en het percentage waar jullie op uitkomen, wanneer je deze werkvorm met je team doet. Wil je me het dan laten weten? En ook wat jullie motivatie is om juist voor dat percentage te kiezen?  

Delen met:Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on LinkedInShare on Google+Email this to someone
Geplaatst in Blog, Glans-techniek en getagd met , , , .

Marja Klaver